|
St.
Willibrordkerk, Minrebroederstraat 21 |
Het maarschalkerweerdorgel in de utrechtse St. Willibrordkerk is gebouwd in 1885 en stond oorspronkelijk op de koorzolder aan de noordkant van de kerk boven de ingang naar de kapel. Het orgel had toen nog niet de huidige omvang daar het louter als begeleidingsinstrument voor de katholieke liturgieviering gebruikt werd. De toenmalige dispositie luidt:
|
Hoofdmanuaal |
Bovenmanuaal |
Pédale |
|
Bourdon 16' |
Holpijp 8' |
Subbas 16' |
|
Prestant 8' |
Fernfluit 8' |
Fluit 8' |
|
Bourdon 8' |
Viola di Gamba 8' |
|
|
Flûte Harmonique 8' |
Salicet 4' |
|
|
Salicional 8' |
Fluit 4' |
|
|
Prestant 4' |
Flageolet 2' |
|
|
Flûte dolce 4' |
||
|
Trompet 8' |
Mechanische tractuur
In 1947 is het instrument
door de firma Verschueren uit Heythuysen verplaatst naar de westkant van de kerk
en tevens ook uitgebreid. Bij het vervaardigen van het nieuwe pijpwerk is
uitgegaan van de mensuren en legering welke Maarschalkerweerd gebruikte voor het
vervaardigen van het pijpwerk van zijn orgels. Hierdoor heeft het nieuwe
pijpwerk geen afbreuk gedaan aan de homogeniteit van de totale klank van het
orgel. Het pijpwerk werd geplaatst op de bovenste galerij, de speeltafel op de
zangzolder. Men heeft de tractuur electro-pneumatisch gemaakt. De dispositie zag
er na verplaatsing als volgt uit:
|
Hoofdwerk |
Zwelwerk |
Pedaal |
|
Bourdon 16' |
Open Fluit 8' |
Prestantbas 16' |
|
Praestant 8' |
Gamba 8' |
Subbas 16' |
|
Salicionaal 8' |
Celeste 8' |
Octaafbas 8' |
|
Bourdon 8' |
Holpijp 8' |
Gedektbas 8' |
|
Prestant 4' |
Zingend Prestant 4' |
Prestantbas 4' |
|
Fluit 4' |
Fluit 4' |
Fluitbas 4' |
|
Kwint 2 2/3' |
Zwitserse Pijp 2' |
Bazuin 16' |
|
Octaaf 2' |
Sesquialter II |
|
|
Mixtuur 4-5-6 st. |
Cymbel 3 st. |
|
|
Cornet 1-3-5 st. (doorlopend) |
Hobo 8' |
|
|
Trompet 8' |
Schalmei 4' (niet aanwezig) |
|
Speelhulpen: I + II; P + I; P + II; Tremulant voor het tweede manuaal; Generaal Crescendo.Het tweede manuaal staat in een zwelkast.
Bronverantwoording: Peter van Dijk, Orgels in de stad Utrecht
In het najaar van 1997 is het orgel uit de kerk gehaald vanwege de restauratiewerkzaamheden in de kerk. In het najaar van 2005 is het instrument weer teruggeplaatst in de kerk. In die tussentijd heeft het in de opslag gestaan bij de firma Elbertse Orgelmakers b.v. te Soest, welke het instrument in onderhoud heeft en ook gerenoveerd heeft. Het orgel heeft zijn plek gekregen op de zangzolder (één etage lager dan dat het voor die tijd stond) en de speeltafel staat onder het orgel achter in de kerk. Ook heeft het orgel een nieuw neogotisch front gekregen wat beter past bij het interieur van de kerk. Daarmee samenhangend is ook het front voorzien van nieuw pijpwerk. Hieronder vallen o.a. enkele tonen van de prestant 16' van het pedaal en de salicionaal 8' van het hoofdwerk. Ook is de zwelkast vervangen door een nieuwe dubbelwandige zwelkast. Tevens zijn de windlades vervangen. De electro-pneumatische tractuur heeft plaats moeten maken voor electro-mechanische tractuur. Dit houdt in dat de relais ventielen opentrekken (i.p.v. kegels omhoogdrukken). Deze hele mechaniek zit in de windlades verwerkt. Ook de registertractuur is gewijzigd: ook dit is electro-mechanisch geworden en dat houdt in dat het orgel sleeplades heeft welke door kleine motortjes heen en weer worden geschoven. De dispositie is nu als volgt:
|
Hoofdwerk (Manuaal I, C-g3) |
Zwelwerk (manuaal II, C-g3) |
Pedaal (C-f1) |
| Prestant 16' | Open Fluit 8' | Prestant 16' |
| Bourdon 16' | Gamba 8' | Subbas 16' |
| Praestant 8' | Celeste 8' | Octaaf 8' |
| Salicionaal 8' | Holpijp 8' | Gedekt 8' |
| Bourdon 8' | Zingend Prestant 4' | Prestant 4' |
| Prestant 4' | Fluit Octaviante 4' | Fluit 4' |
| Fluit 4' | Zwitserse Pijp 2' | Bazuin 16' |
| Quint 2 2/3' | Sesquialter 2 st. | Trombone 8' |
| Flageolet 2' | Cymbel 4 st. | |
| Mixtuur 4-6 st. | Trompet Harmonique 8' | |
| Cornet 2-5 st. (doorlopend) | Hobo 8' | |
| Trompet 8' |
Speelhulpen: I + II; P + I; P + II; I + II 4’; I + II 16’; II + II 16’. Tremulant voor het tweede manuaal; Generaal Crescendo.
